Hessel Stoer

opleiding: Docent Muziek, Hanzehogeschool Groningen

werk: docent en coach op een vmbo-school, artistiek begeleider, werkt in een hiphopstudio, freelancer én pianist

het allerleukste van jouw baan in één zin: “Muziek maken, oefenen en het samen kunnen doen. Niet bezig zijn met praktische dingen, maar helemaal focussen en met elkaar in de flow zitten.”

> hoe ziet jouw werk eruit?

Ik doe verschillende dingen tegelijk en dat vind ik ook juist lekker. Ik ben een pianist en maak zelf muziek. Daarnaast sta ik voor de onderbouw als muziekdocent op een middelbare school. Ik geef muzieklessen, maar ook individuele begeleiding van leerlingen. En ik werk in STU33, een hiphopstudio waar jongeren gratis langs kunnen komen om te oefenen of iets te maken. Ik help daar met tekstschrijven en geef workshops. En dan nog ZZP-werk op basisscholen. Het is best veel, maar allemaal heel leuk, en ik heb veel vrijheid. 

“Het idee dat je zo iets bijzonders als muziek ook kan doorgeven aan anderen. Ik heb een leuke muziekdocent gehad, en dat gun ik anderen ook.”

> wist je altijd al dat je een muziekdocent zou willen zijn?

Ik vond school altijd leuk, maar had nooit bedacht dat ik docent zou worden. Ik wist wel dat ik iets met muziek wilde doen. Op het vmbo moest ik kiezen voor havo of niet, en ik dacht: wat kan ik goed? Piano. Dus ik ging mijn conservatorium-droom achterna. Tegelijkertijd vond ik werken met kinderen heel leuk. Het idee dat je zo iets bijzonders als muziek ook kan doorgeven aan anderen. Ik heb een leuke muziekdocent gehad, en dat gun ik anderen ook. Toen ontdekte ik de opleiding tot muziekdocent: de perfecte combinatie van muziek en lesgeven. Ik twijfelde tussen Bachelor Muziek en de opleiding Docent Muziek en bezocht open dagen en meeloopdagen. Bij de audities werd het duidelijk: bij de opleiding Docent muziek voelde ik me het meest thuis.

> hoe heb je de opleiding ervaren?


De eerste jaren twijfelde ik best veel. Ik kwam uit een klein dorp in Friesland, waar ik als pianist altijd werd gezien als heel goed. Op het conservatorium zat ik ineens tussen allemaal mensen die óók heel goed waren. Dat was mooi en inspirerend, maar ook intimiderend.

Wat ik miste, was hiphop. De focus lag vooral op klassiek. Dat heb ik zelf aangekaart en daar bleek gelukkig ruimte voor te zijn. Voor mijn eindexamen speelde ik Chopin en Mozart, maar deed ik ook onderzoek naar wat hiphop kan betekenen voor persoonlijke groei. Samen met jongens uit de studio traden we op in het conservatorium. De opleiding is veel breder dan alleen docent worden. Je leert naast didactiek (hoe je lesgeeft), ook dirigeren en ondernemen. Je kunt er veel kanten mee op. Het belangrijkste is dat je je eigen interesses uitspreekt, dan ontstaat er ruimte.

“De opleiding is veel breder dan alleen docent worden. Je leert naast didactiek, ook dirigeren en ondernemen. Je kunt er veel kanten mee op.”

> wanneer merkte je voor het eerst: dit past echt bij mij?

In het derde jaar begon ik aan mijn stage in Groningen. In het begin vond ik het erg ongemakkelijk om voor de klas staan. Dat jaar mocht ik een klassiek werk instuderen met alle derde klassen van een school, en zingen in een koor. Toen dacht ik, wow, als ik dit kan doen als docent is dat wel echt tof. Misschien zat het wel altijd al in me, dat docentschap, maar ik moest er ook echt voor kiezen. 

> wat vind je het belangrijkste om door te geven in je lessen?

Een instrument leren gaat over meer dan muziek. Je leert doorzettingsvermogen, discipline en inlevingsvermogen. Soms heb ik ook geen zin om te oefenen, maar ik weet: als ik elke dag iets doe, kom ik er wel. Mooie dingen kosten tijd. In mijn lessen is het belangrijkste dat iedereen zich veilig voelt. Pas als schaamte weg is en leerlingen zichzelf durven zijn, ontstaat er ruimte om te groeien. Je weet nooit wat er in iemand zit. School is een belangrijke plek in hun ontwikkeling. Soms is het al genoeg als een les gewoon leuk is, een moment waarop ze zichzelf kunnen zijn. Plezier werkt aanstekelijk. Daarom zoek ik zelfs op TikTok naar muziek die bij hen past.

“Soms komt het doceren en maken ook samen. Ik ben nu bijvoorbeeld met een jongen uit de studio waar ik les geef een EP aan het maken. Dat is maken en doorgeven tegelijk en dat is zo leuk!”

> ben je meer docent of maker?

Heel stiekem denk ik altijd: ik zou eigenlijk heel graag mijn eigen muziek willen spelen, een eigen droomstukje. Ik hou van zelf maken en bezig zijn op het podium: daar word ik heel blij van. Maar tegelijkertijd zou ik dat niet zonder lesgeven kunnen doen. Dat contact… het moment dat iemand iets ineens wél kan of durft. En soms komt het doceren en maken ook samen. Ik ben nu bijvoorbeeld met een jongen uit de studio waar ik les geef een EP aan het maken. Dat is maken en doorgeven tegelijk en dat is zo leuk!

> wat zou jij zeggen tegen iemand die nu twijfelt?

Probeer het gewoon. Als je het wel wilt, maar niet weet of het iets voor je is, ga er dan gewoon voor en geef het de tijd. Als je het leuk vindt om met mensen te werken en hen iets bij te brengen, dan passen kunstenaarschap en docentschap zeker goed bij je.