Yona Etel

opleiding: Docent Theater, HKU

werk: Overdag dramadocent en mentor op een middelbare school in Amsterdam, ‘s avonds theatermaker en dramadocent bij Jeugdtheaterschool Zuidoost

het allerleukste van jouw baan in één zin: “Als ik een dag keihard heb gelachen met een klas. Als ze binnenkomen met ‘ugh, drama…’ en weggaan met: ‘Volgende week weer?’ Dan weet ik: er is iets opengegaan.”

> hoe was je zelf als leerling?

In mijn puberjaren was ik vooral bezig met niet opvallen. Alleen op de theaterschool voelde ik me echt op mijn gemak: daar konden we met z’n allen lekker gek doen. Toch was ik niet echt open. Ik deelde liever niet te veel over wat er bij mij speelde en ik was ook niet zo bezig met mezelf. Achteraf had ik gewild dat er op de middelbare school meer ruimte was voor drama, zodat ik die vrijheid van de theaterschool ook meer in mijn dagelijks leven had.

 

> hoe ging je van spelen naar doceren?

Toen ik veertien was, moest ik een maatschappelijke stage lopen. Omdat ik het zo leuk vond bij de Jeugdtheaterschool, dacht ik al: wat kan ik hier nog meer doen? Gelukkig mocht ik van mijn docent meedraaien met de lessen voor de twee- tot achtjarigen. Ik ben daar nooit meer weggegaan.

 

> had je altijd al het idee dat je docent wilde worden?

Nee, nooit. Ik wilde acteur worden. Grote zalen, tv, dat beeld had ik helemaal. Tot ik auditie deed voor de acteursopleiding. Die sfeer… dat was het gewoon niet voor mij. Ik werkte toen al als dramadocent bij de Jeugdtheaterschool en dat vond ik wél leuk. Een mentor zei: ‘Waarom doe je geen auditie voor de docentenopleiding?’ Ik vond het een gek idee. Ik moest naar een andere stad en wist niet wat me stond te wachten. Mijn vader was ook niet de grootste fan van het idee. Maar toch ben ik naar de auditie gegaan. Toen ik die auditie deed, werd ik echt verliefd. Ik dacht: wow, dit is echt leuk. Dit wil ik doen. Het ging niet alleen over hoe goed je speelt, maar over wie je bent, hoe je kijkt, hoe je met anderen werkt. Dat vond ik echt heel erg fijn.

 

“Je hoort vaak: ‘Kunst is leuk, maar wat ga je daar later mee doen?’ Terwijl er in het kunstonderwijs juist veel werk is. Ik heb nooit problemen gehad met werk vinden.”

Yona met klas

> wat zou je willen dat mensen weten over de opleiding en het werk dat je doet?

Je hoort vaak: ‘Kunst is leuk, maar wat ga je daar later mee doen?’ Terwijl er in het kunstonderwijs juist veel werk is. Ik heb nooit problemen gehad met werk vinden. Hoe meer dagen in het onderwijs, hoe meer zekerheid. Het betekent ook minder tijd om als maker aan de slag te gaan. Je kunt daarin zelf een balans zoeken die bij je past.

 

Ik hou van structuur. Mijn week is vast, en dat heb ik ook nodig. Ik heb ADHD, dus hoe duidelijker mijn ritme, hoe rustiger het in mijn hoofd wordt. En ook praktisch: het startsalaris in het onderwijs is gewoon goed. Het beeld dat je niks verdiend als kunstdocent klopt niet: het startsalaris in het onderwijs is gewoon goed.

 

> wat vond je van de theaterdocent opleiding?

Ik wist niet zo goed wat ik moest verwachten. Je hoort wel dat het zwaar en pittig is, en dat klopt ook. Tijdens de studie ben ik mezelf flink tegengekomen, op een goede én soms confronterende manier. Reflectie en naar jezelf kijken was een vast onderdeel van de studie. Er zijn momenten geweest dat ik dacht: ik kan niet meer. Maar er was ruimte om dat te bespreken bij de opleiding. Als je zelf de stap zet, denken de docenten en klasgenoten echt met je mee. En zodra je weet waar je op aangaat, wordt het alleen maar leuker. Dan kan je focussen op wat jij echt wil.

 

Je leert door te doen. En daarna terug te kijken: hoe ging het, wat kan anders? Dat doe ik nu nog steeds. Dat reflecteren, daardoor word je overal beter in. Je leert jezelf zijn. Je leert dat het oké is om ongemakkelijk te zijn. Bij drama staan we allemaal idioot te doen en dat is bevrijdend. Nu geef ik het ook door aan mijn leerlingen, ze ontdekken: ‘als ik dit kan, dan kan ik ook een presentatie houden, of iets zeggen in de klas.’ Dat werkt door.

Voorstelling van Yona

> waar krijg je de meeste energie van?

Sommige collega’s willen graag ambachtelijk aan de slag. Ik heb meer passie voor de jongeren dan voor het vak theater. Ik krijg energie van de kinderen en jongeren die er eigenlijk geen zin in hebben. Die binnenkomen met: ‘Drama? ‘Moet dat?’ En dat ze dan weggaan en zeggen: ‘Nou, dat was eigenlijk wel leuk.’ Dat vind ik het allerleukste.

En ook als ik merk dat leerlingen zich veilig voelen bij me. Ik heb leerlingen gehad die vastliepen, thuis én op school. Ik had een mentorleerling die van meerdere scholen werd gestuurd; hij wilde alleen nog op straat hangen en zijn ouders kregen geen grip op hem. Ik hield contact met hem en sprak eens met hem af voor een wandeling, waarna hij toch weer besloot een nieuwe school te zoeken. Dat is niet iets wat je van tevoren helemaal kunt bedenken, maar het geeft zoveel betekenis.

> wat zou je zeggen tegen iemand die twijfelt over een theaterdocent opleiding?

Sowieso auditie doen. Daar kom je er echt achter of het bij je past. Je hebt niets te verliezen. En zelfs als je daarna iets anders gaat doen: je kent jezelf beter. En dat is altijd winst.

“Bij drama staan we allemaal idioot te doen en dat is bevrijdend. Nu geef ik het ook door aan mijn leerlingen, ze ontdekken: ‘als ik dit kan, dan kan ik ook een presentatie houden, of iets zeggen in de klas.’ Dat werkt door.”